Angst

Angst zonder reden: hoe kan dat?

Je voelt angst, maar weet niet waarvan. Lees wat er kan meespelen, hoe je patronen herkent en wat je kunt doen zonder steeds naar een oorzaak te zoeken.

Je zit thuis of bent bezig met iets gewoons. Toch voel je spanning. Je buik trekt samen of je hebt het gevoel dat er iets misgaat. Alleen weet je niet wat.

Dat kan verwarrend zijn. Geen duidelijke aanleiding herkennen betekent niet dat je je aanstelt. Het betekent ook niet dat je ergens een verborgen verklaring moet vinden.

Het gevoel kan eerder komen dan de gedachte

Je merkt bijvoorbeeld eerst dat je hart sneller klopt. Daarna denk je: waarom gebeurt dit? De schrik over het gevoel kan vervolgens extra onrust geven.

Angst kan dus beginnen met een gedachte, maar ook met iets wat je lichamelijk opmerkt. Bij een paniekaanval is een duidelijke aanleiding bovendien niet altijd aanwezig. Het NIMH beschrijft onverwachte paniekaanvallen.

Lees verder over lichamelijke klachten bij angst.

Kijk naar het patroon, niet naar ieder detail

Je kunt kort opschrijven wanneer de onrust opvalt. Was je net wakker? Dacht je aan een afspraak? Had je een onrustige nacht?

Een paar aantekeningen zijn genoeg. Je hoeft niet steeds je hartslag te meten of ieder gevoel een cijfer te geven. Het doel is om overzicht te krijgen.

Een bruikbare notitie kan zijn: “Voor het vertrek naar mijn werk voelde ik spanning. Tijdens het gesprek met een collega merkte ik er minder van.”

Niet iedere golf van angst is hetzelfde

Een plotselinge sterke golf vraagt om andere uitleg dan onrust die de hele dag aanwezig lijkt.

Lees over plotseling angstig worden als de angst snel opkomt. Bij een langere achtergrond van spanning past de pagina over voortdurend angstig zijn beter.

Deze beschrijvingen helpen je woorden te vinden. Ze stellen geen diagnose.

Je mag verder met je dag zonder sluitende verklaring

Je hoeft niet eerst precies te begrijpen waarom je angst voelt voordat je iets gewoons kunt doen. Kies bijvoorbeeld één haalbare activiteit: ontbijten, douchen of een korte boodschap.

Dat is geen opdracht om je klachten weg te drukken. Je maakt ruimte voor een activiteit terwijl de onrust er mogelijk nog is.

Blijft de angst terugkomen of ga je steeds meer vermijden? Bespreek het dan met je huisarts. Bij omgaan met angst vind je verdere handvatten.

Bronnen voor deze pagina