Exposure is een behandeling waarbij je gericht oefent met iets dat angst oproept.
Dat kan een situatie zijn, zoals een trein of winkel. Het kan ook gaan om lichamelijke sensaties waar je bang voor bent.
Je oefent met een verwachting
Een goede oefening begint niet alleen met de vraag: hoe bang ben ik?
Belangrijker is: wat denk ik dat er gaat gebeuren?
Je verwacht bijvoorbeeld dat je flauwvalt als je duizelig wordt, of dat je de controle verliest wanneer je niet direct weg kunt.
Na de oefening kijk je wat werkelijk gebeurde.
Angst hoeft niet eerst helemaal te verdwijnen
Exposure wordt soms uitgelegd als: blijf in de situatie totdat de angst nul is.
Dat is te simpel.
Angst kan dalen, maar exposure draait ook om nieuw leren. Je kunt ontdekken dat je een situatie aankunt terwijl er nog spanning is, of dat een gevreesde uitkomst minder zeker is dan hij voelde.
Veiligheidsgedrag kan het leren beïnvloeden
Oefen je alleen wanneer iemand naast je staat, meet je voortdurend je hartslag of blijf je altijd vlak bij de uitgang?
Dan kan je achteraf denken dat het alleen goed ging door die bescherming.
Lees daarom veiligheidsgedrag afbouwen tijdens exposure.
Herhaling helpt
Eén oefening kan nuttig zijn, maar oude verwachtingen veranderen vaak door meerdere ervaringen.
Daarom worden oefeningen herhaald en gevarieerd.
De oefening moet passen bij jouw patroon
Wie vooral de supermarkt vermijdt heeft iets anders nodig dan iemand die vooral bang is voor een snelle hartslag.
Lees voor echte situaties exposure in vivo en voor lichamelijke sensaties interoceptieve exposure.
Exposure is meestal onderdeel van een breder behandelplan, vaak binnen cognitieve gedragstherapie.