Tricyclische antidepressiva, vaak afgekort tot TCA’s, zijn oudere antidepressiva.
Ze kunnen werkzaam zijn bij paniekstoornis. Toch betekent “werkzaam” niet automatisch “eerste keuze”.
Bijwerkingen wegen zwaarder mee
TCA’s kunnen verschillende bijwerkingen geven.
Dat maakt ze in de huisartsenpraktijk minder aantrekkelijk als eerste medicatiekeuze dan bijvoorbeeld SSRI’s.
De precieze keuze hangt af van het middel en de persoon.
Veiligheid is een belangrijk verschil
Bij sommige oudere antidepressiva is een overdosis medisch riskanter.
Ook interacties en lichamelijke bijwerkingen kunnen een grotere rol spelen.
Daarom kijkt een voorschrijver goed naar andere aandoeningen en medicatie.
TCA’s werken niet direct tijdens een aanval
Net als andere antidepressiva worden ze dagelijks gebruikt.
Het effect wordt over tijd beoordeeld.
Ze zijn dus geen noodmedicatie voor één paniekaanval.
Een middel kan later in beeld komen
Wanneer eerdere behandelingen onvoldoende hielpen of niet goed verdragen werden, kan een arts andere opties bespreken.
Dat betekent niet dat er een vaste volgorde is die voor iedereen hetzelfde moet zijn.
Starten en stoppen vraagt begeleiding
Bijwerkingen bij starten en klachten bij afbouwen moeten meegenomen worden in het behandelplan.
Lees starten en bijwerkingen en afbouwen en onttrekking.
Vergelijk niet alleen op effectiviteit
Een studie kan laten zien dat meerdere middelen klachten verminderen.
Voor een echte behandelkeuze tellen ook veiligheid, bijwerkingen, patiëntvoorkeur en richtlijnpositie.
Daarom blijft de keuze iets voor overleg met de voorschrijver.
Lees ook SSRI’s en het medicatieoverzicht.
Waarom een ouder middel toch gekozen kan worden
Soms heeft iemand eerder goed op een TCA gereageerd of zijn andere middelen niet passend.
Dan kan een arts alsnog een TCA overwegen. De keuze hangt dus niet alleen af van “oud” of “nieuw”, maar van effect, veiligheid, bijwerkingen en persoonlijke situatie.