SSRI’s zijn antidepressiva die veel worden gebruikt bij angststoornissen.
Wanneer medicatie voor paniekstoornis passend is, hebben SSRI’s in de Nederlandse eerstelijnsroute een belangrijke voorkeurspositie.
Het effect komt geleidelijk
Een SSRI is geen middel dat een paniekaanval direct stopt.
Het wordt dagelijks gebruikt. Verbetering wordt over weken beoordeeld.
Daarom is het belangrijk om vooraf te weten wat je in de eerste periode wel en niet kunt verwachten.
Starten kan tijdelijk onrust geven
Sommige mensen ervaren in het begin meer spanning, misselijkheid, slaapproblemen of andere bijwerkingen.
Bij paniek kan dat extra lastig zijn, omdat lichamelijke veranderingen snel als gevaarlijk worden gezien.
Lees daarom starten met medicatie en bijwerkingen.
De dosis wordt individueel bepaald
De voorschrijver kijkt naar het gekozen middel, bijwerkingen, andere medicatie en hoe je reageert.
Pas de dosis niet zelfstandig aan omdat je een paar slechte of goede dagen hebt.
Behandelduur hoort bij het plan
Wanneer een SSRI helpt, wordt hij meestal niet direct gestopt zodra je je beter voelt.
Bespreek vroeg in het traject hoe lang behandeling ongeveer bedoeld is en wanneer evaluatie plaatsvindt.
Afbouwen vraagt tijd
Na langer gebruik kan te snel stoppen onttrekkingsklachten geven.
Die kunnen lijken op terugkerende angst.
Lees afbouwen, stoppen en onttrekking.
Medicatie en psychologische behandeling kunnen naast elkaar bestaan
Een SSRI vervangt niet automatisch CGT of exposure.
Afhankelijk van de situatie kunnen behandelvormen gecombineerd worden.
Lees het totaaloverzicht bij behandeling van paniekstoornis.
Vraag vooraf hoe succes wordt beoordeeld
Een SSRI is niet alleen “geslaagd” wanneer je nooit meer paniek voelt.
Ook minder anticipatieangst, minder vermijden en beter functioneren kunnen belangrijke verbeteringen zijn. Spreek af welke veranderingen voor jou tellen en wanneer je samen beoordeelt of het middel voldoende helpt.