Specifieke groepen

Zwangerschap en paniekstoornis

Paniek kan tijdens zwangerschap verbeteren, gelijk blijven of toenemen. Lees waarom het verloop verschilt en waarom medicatie zorgvuldig wordt beoordeeld.

Zwangerschap brengt veel lichamelijke veranderingen mee.

Hartslag, ademhaling, misselijkheid en vermoeidheid kunnen anders voelen dan je gewend bent.

Voor iemand met paniek kan dat extra onzekerheid geven.

Er bestaat geen vast paniekpatroon tijdens zwangerschap

Onderzoek laat een wisselend verloop zien.

Bij sommige mensen nemen klachten af, bij anderen blijven ze gelijk of worden ze sterker.

Daarom is de uitspraak “zwangerschap maakt paniek beter” of “zwangerschap maakt paniek erger” te stellig.

Lichamelijke veranderingen kunnen paniek triggeren

Een snellere hartslag of benauwd gevoel kan lijken op sensaties die je uit eerdere aanvallen kent.

Dat kan angst voor lichamelijke sensaties versterken.

Nieuwe klachten worden niet automatisch aan paniek toegeschreven

Zwangerschap vraagt extra aandacht voor lichamelijke signalen.

Bespreek nieuwe, ernstige of duidelijk veranderde klachten met verloskundige, huisarts of andere betrokken zorgverlener.

Psychologische behandeling kan belangrijk blijven

CGT en passende exposure kunnen onderdeel zijn van behandeling.

Oefeningen worden afgestemd op zwangerschap en lichamelijke veiligheid.

Lees CGT en exposure.

Medicatie vraagt een persoonlijke afweging

Gebruik je antidepressiva of wil je starten, zwanger worden of stoppen? Bespreek dit tijdig met een deskundige voorschrijver.

De voordelen en mogelijke risico’s moeten voor jouw situatie worden afgewogen.

Stop niet plotseling op eigen initiatief.

Denk ook vooruit naar de periode na de bevalling

Slaap en belasting veranderen dan opnieuw.

Het kan helpen vooraf te bespreken wat je doet als klachten toenemen.

Lees paniekklachten na de bevalling.

Maak medicatiebeslissingen niet uit angst voor één risico

Stoppen uit angst voor de zwangerschap kan ook nadelen hebben wanneer klachten daardoor sterk terugkomen.

De afweging gaat daarom over voordelen en risico’s van behandelen én niet behandelen. Bespreek dit met een deskundige voorschrijver in plaats van zelf abrupt te veranderen.

Bronnen voor deze pagina